vrijdag 29 september 2017

Over de "Belgische" kwestie

Tja, lieve lezers, vooral, hoop ik, nieuwe lezers. De Scriptomanie houdt me in haar greep, natuurlijk! Ik zal jullie op de hoogte houden, hoor!

(Na een heldhaftig verleden onder Willem de Zwijger, Prins Maurits, Johan van Barneveld, de Trompen, Michiel de Ruyter en meer van die 'nationale helden' kwam er in de laat achttiende en vooral  de negentiende eeuw een beetje de klad in ons Vaderlandse trots en in ons 'heldendom'. Ik wil trachten uit te leggen van hoe en waarom en zo. Ik begin dit eerste geschiedenis Blog in ongeveer 1930.)
 

En eens dan komt de dag *
Waarop wij allen wachten,
Dan gaan wij naar de grens,
Om Belzen af te slachten.

Dan schiet het zevenvelds,
Met welgemikte schoten,
Dat godvergeten tuig,
 

Kartetsen voor de kloten.
De mannen rukken wij,
De lullen van de lijven,
En ’s avonds in ’t kwartier,
Schofferen wij de wijven.

En mocht er onverhoeds,
Nog kindertjes van komen,
Dan hangen wij dat tuig,
Aan d’allerhoogste bomen.

Want mochten wij dat tuig,
Als vaders gaan beminnen,
Dan konden wij wel weer,
Van voor ’n af aan beginnen.

En 's avonds in 't kwartier,
Wanneer ik lig te rusten,
Dan denk ik aan Marie,
En aan haar fraaie buste.

U hoorde nu dit lied
van '** studenten heren
De eerste van de troep,
de beste van de Weren.


 
Tja, een raar en misschien ook wel schokkend begin, van een nieuw Blog dat ik wil gaan schrijven, nu ja, dat ik ga schrijven. Het zal over geschiedenis en over boeken gaan. Het Blog zal ik publiceren op mijn FB pagina en ja, der zullen weinig mensen in geïnteresseerd zijn, want ik ken niet veel mensen die nog echt lezen en vooral geen echte boeken. En vooral geen boeken die al wat ouder zijn en zo. 

Ik moet dus beginnen uit te leggen waarom ik het bovenstaande  gedicht, dit zogenaamde lied, met een wat vreemde en nogal ouderwetse tekst, heb uitgekozen om als eerste 'pagina' van mijn nieuwe Blog, dienst te laten doen, zeg maar.
Ik heb dit lied, deze tekst dus, gekozen omdat het een scheiding in de geschiedenis van ons land aan geeft. Het vers werd in de jaren dertig van de negentiende eeuw gecomponeerd en, iets later, gezongen, door diverse studenten 'schutters' korpsen die, in de Tiendaagse veldtocht, in 1831, met het Vaderlandse leger optrokken naar het zich, toen opeens onafhankelijk noemende, België. Een stuk gebied dat na het congres van Wenen een nieuw Vaderland was geworden. Het toenmalige Nederland, België en Luxemburg waren opeens een natie en een sterke, want grote natie, zo afgesproken door de mensen, nu ja, mannen, die het Congres van Wenen voerden. Dat congres van Wenen was noodzakelijk omdat Napoleon nu ECHT verslagen was, bij Waterloo en men allerlei nieuwe grenzen moest trekken, omdat die Napoleon (dat was de eerste, bleek natuurlijk later, er kwamen der nog twee van wie de derde niet al te best in zijn werk was, overigens) nogal onzorgvuldig met de grenzen en de landen was omgesprongen tijdens zijn dwingelandij. 
Maar goed, grenzen werden getrokken, Vorst, later Koning Willem 1 werd koning van een groot gebied en dan had je natuurlijk nog dat gedoe over Moresnet en zo.  (Daar ga ik het later over hebben, hoor.)
Maar goed, in de jaren dertig van de 19e eeuw was het liedje voor Oranje uitgezongen en wilden de Vlamingen, nu ja, later ook de Walen, zich zelf een land toe dichten. Dat gebeurde dan ook, we hadden nog eens een tien daagse veldtocht daar voor over, die ons land natuurlijk won, tegen die opstandelingen, zie de tekst van het bovenstaande gedicht. Ik geloof dat het de enige oorlog was die ons land, nu ja, onze legers, ooit hebben gewonnen, dat in tegenstelling tot onze vloot, de trotse marine en haar Korps Mariniers.
Maar goed, de Fransen kwamen de Vlaamse boerkes te hulp en ja, we moesten de Belgen hun onafhankelijkheid gunnen en zie, wat het hen gebracht heeft: kimmer en kwel.
Niet alleen het leger ging ten oorlog, maar ook de diverse studenten weerbaarheid verenigingen streden mee en kleedden zich in fraaie uniformen, die nog jaarlijks te zien zijn rond Prinsjesdag.
Nu ja, na de dood van Van Speijk in 1831, wat een laatste oprisping was van Nederlandse heldendaden, was der niet veel meer aan, we gaven de Belgen hun land terug, zeg maar. 
We klungelden nog wat aan in de Oost en de West en toen was ons land totaal vergeten en verzakt.
We kregen dichters als Hildebrand,Costa, Tollens, Bilderdijk en Van Lennep en zo en ja, toen was ons litteraire land helemaal naar de gallemiezen. Denk aan Geer en Goor voor dde Nobelprijs of de Edisons, zoiets.
Maar: der kwam hoop en revolutie: er kwam Multatuli! En ja, die tijd, dat tijdperk is voor een volgend schrijven!

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Politiek debat? Nonsens.

  Vanavond heb ik, heel even, naar het debat tussen de zes politieke leiders gekeken. Heel even, hoor. Het was op een commerciële zender en ...