vrijdag 3 november 2017

De merkwaardige reis van Leutnant zur See Julius Lauterbach (2)

Dat schip, SMS, vrij vertaald 'Zijner Majesteits Schip', Emden, dus, was een van twee schepen van de zogenaamde Dresden klasse. Het waren zogenaamde 'lichte' kruisers, wat inhield dat deze schepen geen kanons (de marine spreekt van kanons, nooit kanonnen, da's voor de pleunen) hadden die zwaarder waren dan vijftien centimeter kaliber. Ze hadden tien kanons van 12 centimeter. De scheepjes, ze waren nauwelijks honderdtwintig meter lang en ze verplaatsten maar 3650 ton water, waren kleiner en minder zwaar bewapend dan onze zogenaamde "jagers" uit de jaren '60. Een modern en misschien kleiner fregat van het nu, heeft veel meer slagkracht dan dat deze kruisers ooit hadden, natuurlijk.
Zoals ik als schreef heeft de Emden voornamelijk dienst gedaan in de 'Oost' om het maar zo te zeggen. De bedoeling van de Duitse marine leiding was, dat het schip tegen de geallieerde scheepvaart zou optreden, door de koopvaarders van die landen: Engeland en hun Dominions, Franse en ook Russische schepen tot zinken te brengen en de commandant van de Emden kweet zich geweldig van zijn taak. Verder moest hij ervoor natuurlijk wel voor zorgen dat hij zogenaamde 'colliers', dat waren schepen beladen met steenkool, niet tot zinken bracht. In die tijd werden (bijna) alle schepen nog met kolen gestookt, maar ja de Duitsers hadden, zoals eerder verteld, bijna geen havens in het buitenland waar ze welkom waren, dus, als hij, die Kapitan zur See Muller, die kolenschepen in zijn bezit hield, kon hij ze, op vooraf afgesproken plekken, ontmoetten en kolen van die schepen voor zijn schip overnemen. Maar ja, daarvoor moest hij wel zogenaamde 'prijsbemanningen' hebben, dat waren vaak een officier en wat manschappen die die schepen dan op de afgesproken plaats(en) zou brengen. 
Muller was een goed mens: de bemanningen van de veroverde schepen bleven gewoon aan boord en hen mocht geen haar gekrenkt worden.
Een van die zogenaamde prijsofficieren was dus onze vriend Julius Lauterbach. Hij was in 1877 in Rostock geboren en ging al vroeg naar zee. Uiteindelijk werd hij eerste stuurman bij de Duitse-Amerika lijn en later kreeg hij het bevel over een eigen schip. In de mobilisatie van 1914 nam hij dienst, zijn toenmalige commando lag in een Chinese haven en hij was reserve officier bij de Keizerlijke Marine en deed dus zo dienst op de Emden. Het was een, zoals wij zouden zeggen, typische Duitser, een man met een arrogante kop, een brede borst en een behoorlijke buik.
Toen de Emden op 8 november 1914 de Engelse kolenboot, de collier, Exford, in beslag nam, ging Julius, met een achttien onderofficieren en manschappen aan boord en had de opdracht zich in de buurt van Aden op te houden, tot de Emden daar aankwam om kolen in te nemen. (Ik zal later meer vertellen over de Emden, hoor, over haar vele overwinningen.)
Maar, omdat de Emden, een schip dat vreselijk gezocht werd in de Indische oceaan, al de dag erna, op 9 november 1914, door HMAS Sydney, een Australische kruiser, was vernietigd, kon hij lang wachten. Uiteindelijk werd zijn buitgemaakte schip, die Exford, door de Engelse marine heroverd en de Duitse bemanning werd krijgsgevangen gezet in Singapore.
Tijdens zijn krijgsgevangenschap brak er een muiterij uit van Indische moslim soldaten en ook het kamp waar Julius gevangen zat, werd niet meer goed bewaakt.
De opstand van die Indische soldaten werd aangewakkerd omdat Julius hun in fluisterde dat het regiment naar de slagt- en slacht velden van Vlaanderen zouden worden overgeplaatst. Maar, fluisterde Lauterbach hen ook in, het was hem ook bekend geworden dat de Duitse keizer en zijn vrouw zich hadden bekeerd tot de islam en dat de Berlijnse Staats Opera een moskee zou worden, de grootste van Europa en dat Duitsland zich zou bekeren tot moslim staat!
Ondertussen hadden hij en zijn bemanningsleden al een grote, nu ja, brede, tunnel gegraven omdat Lauterbach er anders niet door zou kunnen. Tijdens het rumoer van de opstand, zijn plan lukte dus, waren hij en zijn mensen al ontsnapt door die tunnel en hadden ze zich op weg gemaakt naar de kust. Daar hadden ze een aantal inheemse kano's gejat en gingen nu op weg naar Sumatra, dat was Nederlands Indië, toen nog, en ze werden natuurlijk geen strobreed in de weg gelegd, ons land was natuurlijk neutraal.
Hij had natuurlijk gewoon in de Oost kunnen blijven en de rest van de oorlog af kunnen wachten, maar nein, nein, nicht der Julius. Hij wilde "unbedingt zuruck in der Heimat". 

Hejje nog wat tijd of zin om verder te lezen? Het wordt spannender! 
=later verder=

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Politiek debat? Nonsens.

  Vanavond heb ik, heel even, naar het debat tussen de zes politieke leiders gekeken. Heel even, hoor. Het was op een commerciële zender en ...